Laminaatvloeren advies 

Een laminaatvloer is niet alleen een mooie vloer, maar ook een praktische vloer. Laminaat is relatief eenvoudig te installeren en gemakkelijk in het onderhoud. Met de hierna volgende tips en adviezen heeft u jarenlang plezier van uw laminaatvloer. En mocht zich onverhoopt toch een probleem voordoen, kijk dan eens bij problemen oplossen. Hier vindt u de oplossingen voor de meest voorkomende problemen met laminaat.

Onderstaand advies downloaden of printen ? Ga naar: Folders en Downloads

Laminaatvloer zelf leggen

De laminaatvloeren uit onze collectie zijn dankzij de toepassing van moderne kliksystemen eenvoudig zelf te leggen. De belangrijkste aandachtspunten bij het leggen van een laminaatvloer vindt u hieronder.
 
  • Voordat de vloer gelegd wordt, moet deze eerst 48 uur acclimatiseren. Dit moet in de gesloten verpakking, in de ruimte waar de vloer gelegd zal worden bij een kamertemperatuur van minimaal 18 graden Celsius. Voor acclimatiseren legt u de pakken midden in de ruimte (dus niet tegen een wand!), kruislings op elkaar gestapeld met een paar centimeter ruimte tussen de pakken onderling. Dit is nodig om er voldoende lucht tussendoor te laten circuleren.
  • De basisvloer moet volledig vlak zijn. Oneffenheden in het vloeroppervlak die groter zijn dan 2 mm moeten worden verwijderd.
  • De basisvloer moet bovendien schoon en droog zijn. Is de vloer niet volledig droog, of ligt er vloerverwarming/vloerkoeling, dan moet een dampdicht vochtscherm worden aangebracht onder de ondervloer.
  • Wanneer er een ondervloer wordt gebruikt van foam of rubber mag deze zeker niet dikker zijn dan 3 mm. De ondervloer mag ook niet van verend materiaal zijn. Softboardplaten mogen wel dikker zijn, deze zijn meer stabiel.
  • Vóór verwerking moeten de panelen gecontroleerd worden op mogelijke gebreken (beschadigingen, kleur- of glansverschillen). Panelen met gebreken mogen niet worden verwerkt. Deze vallen normaal gesproken onder de fabrieksgarantie. 
  • De vloer moet voldoende vrij, met minimaal 10 mm afstand, geplaatst worden van wanden en andere vaste objecten in de ruimte, zoals verwarmingsbuizen en drempels.
  • Voor grotere overspanningen moet per 10 strekkende meter een overgangsprofiel worden voorzien. Ook tussen verschillende ruimtes moet een overgangsprofiel worden voorzien met minimaal 10 mm tussenruimte. Deze dilataties zijn nodig zodat de vloer voldoende kan werken.
  • Plakplinten mogen uitsluitend bevestigd worden met dubbelzijdig tape (dat doorgaans is aangebracht achter op de plint). Ook dit is van belang voor het werken van de vloer. Zodra de plinten gelijmd, geniet, gekit of gespijkerd worden, is werken niet meer mogelijk met schade aan de vloer tot gevolg.

Let op: bovenstaande instructies zijn algemene instructies die voor het leggen van iedere laminaatvloer moeten worden gevolgd. De vloeren uit onze collectie hebben verschillende typen kliksystemen. Ieder kliksysteem heeft een eigen manier waarop de panelen gelegd en in elkaar geklikt moeten worden. Deze leginstructies vindt u terug op de verpakking van iedere laminaatvloer.

Om aanspraak te kunnen maken op de productgarantie is het altijd van belang bovenstaande leginstructie samen met de instructies op de verpakking nauwgezet op te volgen. Bij het niet leggen volgens de instructies vervalt de garantie.

Vloerverwarming en laminaat 
 

De meeste laminaatvloeren uit onze collectie zijn geschikt om te leggen in combinatie met vloerverwarming. Dit staat aangegeven op de verpakking. Bij sommige kwaliteiten geldt dat ze niet met alle typen vloerverwarming kunnen worden gelegd. Ook dit staat op de verpakking vermeld. Bij twijfel kunt u natuurlijk altijd uw dealer raadplegen.

Voor het goed functioneren van de vloerverwarming en voor het behoud van de laminaatvloer is het van belang dat de installatie correct gebeurt.

Voorbereiding

  • Verwarmingselementen die worden ingegoten in de basisvloer moeten minimaal 3 cm onder het vloeroppervlak liggen
  • Vóór het leggen van de laminaatvloer moet de verwarming eerst worden getest volgens de richtlijnen van de installateur
  • Het vochtgehalte in de dekvloer mag nergens hoger zijn dan 1,5% (gemeten volgens de CM methode)
  • Onder het laminaat moet altijd een volledig dampdichte folie worden gelegd

Installeren van de laminaatvloer

  • De vloerverwarming moet volledig uitgeschakeld zijn; de vloer mag niet warmer zijn dan 18 graden Celsius
  • Leg het dampscherm, de ondervloer en het laminaat volgens de leginstructies op de verpakking
  • Voorzie een dilatatievoeg van minimaal 10 mm aan alle zijden van de vloer en bij deurposten en andere vaste objecten in de ruimte
  • Zorg voor overgangsprofielen tussen verschillende ruimtes met eveneens minimaal 10 mm ruimte; voor grotere overspanningen moet per 10 strekkende meter een overgangsprofiel worden aangebracht

Inschakelen van de vloerverwarming

  • De eerste 24 uur na het leggen van de vloer mag de vloerverwarming niet ingeschakeld worden; pas daarna de temperatuur stapsgewijs (5 graden per dag) opvoeren
  • Dit geldt ook wanneer de vloerverwarming langere tijd uitgeschakeld is geweest (bv. na de zomer)
  • De maximaal toegelaten oppervlaktetemperatuur is 26 graden Celsius

Vloerkoeling

Er zijn vloerverwarmingssystemen die ook fungeren als vloerkoeling. In principe gelden hiervoor dezelfde richtlijnen als voor de installatie met vloerverwarming. Voor specifieke informatie hierover kunt u terecht bij uw dealer.

Onderhoud van uw laminaatvloer 
 

Een laminaatvloer uit de collectie van dB Laminaatvloeren staat garant voor jarenlang woon- of werkplezier. Om optimaal van uw laminaatvloer te genieten is het van belang dat u de vloer op de juiste manier onderhoudt. De volgende onderhoudsrichtlijnen helpen u daarbij.

  • Het reinigen van de vloer dient zoveel mogelijk droog te gebeuren. Alleen incidenteel mag de vloer licht vochtig gereinigd worden met een kleine hoeveelheid schoonmaakazijn opgelost in lauw water. Na nat reinigen de vloer altijd met schoon water na dweilen en ten slotte droog maken.
  • Gebruik voor lichtvochtige reiniging absoluut geen huishoudelijke reinigingsmiddelen of  laminaatreinigers. Deze bevatten vaak bijtende of voedende bestanddelen die de vloer aantasten.
  • Gemorste vloeistoffen altijd direct opdrogen met een schone doek.
  • Zorg dat er in de woning voldoende schoon- en droogloopmatten zijn. Zo kan beschadiging van de vloer door vuil, steentjes, zand of vocht worden tegen gegaan.
  • Onder stoelen en andere (bewegende) meubels viltglijders aanbrengen. Vervang deze regelmatig. Harde of metalen wieltjes van bureaustoelen vervangen door zachte wieltjes die geschikt zijn voor laminaatvloeren.
  • De luchtvochtigheid in de ruimte waar de laminaatvloer ligt, moet tussen de 40% en 70% zijn. Is de luchtvochtigheid lager, dan moet de ruimte bevochtigd worden. Is deze hoger, dan is ontvochtigen nodig.

Problemen met uw vloer oplossen

Doet zich een probleem voor met uw laminaatvloer, dan kunt u dat in de meeste gevallen zelf oplossen. Kijk hieronder voor problemen die kunnen voorkomen en hoe u deze kunt oplossen:


Probleem: kanten staan omhoog, delen wijken, naden staan open

Controleer de vloer allereerst op vlak liggen:
• Zit er vering in de laminaatvloer?
• Is de basisvloer volledig vlak?
• Is er een stabiele, niet verende ondervloer gebruikt?

Oplossing: Een ongelijke basisvloer uitvlakken. Een verende of niet stabiele (niet drukvaste) ondervloer vervangen door een stabiele ondervloer. Dit zijn softboardplaten of een ondervloer op rol van stabiele kwaliteit met een dikte minder dan 3 mm. De laminaatvloer kan vervolgens opnieuw worden gelegd, waarbij beschadigde delen vervangen kunnen worden door nieuwe.

Ligt de vloer vlak, maar doet het bovenstaande probleem zich toch voor, controleer de vloer dan op klem liggen:
• Ligt de vloer vrij van de wand?
• Ligt de vloer vrij van andere vaste objecten, bv. verwarmingsbuizen, deurposten?
• Staan er zeer zware voorwerpen op de laminaatvloer, bv. keukenblokken of kasten?
• Zijn er dilataties aangebracht bij de overgangen tussen de verschillende ruimtes en bij grote overspanningen?
• Zijn de (plak-)plinten en profielen zo bevestigd dat de vloer er vrij onder kan bewegen? Of zijn deze gespijkers, geniet, geschroefd of gekit?

 Oplossing: Zorg dat de vloer voldoende ruimte heeft om te werken. Maak de vloer vrij van wanden en andere vaste objecten. Bij overgangen tussen ruimtes en bij grote overspanningen dilataties aanbrengen. Plinten en profielen zo bevestigen dat de vloer kan bewegen.



Probleem: de vloer vertoont strepen of vettige vlekken, verkleuring

Controleer op onderhoud:
• Vertoont de vloer een vette uitstraling, met strepen of sporen?
• Worden huishoudelijke schoonmaakmiddelen, zogenaamde laminaatreinigers of andere middelen met voedende bestanddelen gebruikt?
• Wordt de vloer na vochtige reiniging met schoon water na gedweild en gedroogd?
• Heeft de laminaatvloer nog zijn oorspronkelijke uitstraling onder een vloerkleed of mat? Of op bewaarde, niet gelegde delen?

Oplossing: De vettige laag wordt veroorzaakt door verkeerd onderhoud (met schoonmaakmiddel, niet nadweilen, niet nadrogen). In een vettige vloer tekenen gebruikssporen en vlekken zich eerder af. De vloer kan worden schoongemaakt met een remover van het gebruikte schoonmaakmiddel, of met lauw water met een scheutje ammonia. Dit herhalen tot de vloer helemaal schoon is. Daarna de vloer bij voorkeur droog onderhouden. Bij lichtvochtige reiniging kan een klein scheutje schoonmaakazijn worden gebruikt. Daarna altijd met schoon water nadweilen en de vloer goed drogen.



Probleem: De vloer vertoont beschadigingen, krassen, kale plekken

Controleer op beschadigingen:
• Zijn er schoon- en droogloopmatten aanwezig?
• Zitten er viltglijders onder de stoelen?
• Zitten er zachte wielen onder de (bureau-)stoel?
• Zitten er putjes/deukjes in de vloer door gevallen voorwerpen?

Oplossing: Kleine beschadigingen herstellen met een filler of de beschadigde delen vervangen door nieuwe delen. Zorg voor voldoende schoon- en droogloopmatten. Onder stoelen (nieuwe, schone) viltglijders aanbrengen. Onder bureaustoelen een beschermplaat leggen of zachte wielen monteren, die geschikt zijn voor gebruik op een harde vloer.

GARANTIE

Alle laminaatvloeren uit de collectie van Den Bleker Laminaatvloeren voldoen aan strikt omschreven productiestandaarden die een uitstekende prijs-kwaliteitverhouding garanderen. Op elke vloer is een garantie van toepassing. De duur van de garantie staat aangegeven op de verpakking.

De garantie geldt uitsluitend voor huishoudelijke toepassing van de laminaatvloer. Bij toepassing in projecten is de garantie nader te bepalen aangezien deze afhankelijk is van het exacte gebruik van de vloer.

Binnen de gebruiksklasse van het laminaat is er garantie op:
-direct zichtbare productiefouten
-verborgen gebreken, dat wil zeggen productiefouten die zich pas na langere tijd manifesteren

Schade en problemen die het gevolg zijn van onjuiste verwerking, verwerking van foutieve delen, oneigenlijk gebruik of verkeerd onderhoud van het laminaat vallen niet onder de garantie.



GEBRUIKSKLASSEN

De gebruiksklasse van een laminaatvloer geeft aan voor welke ruimte en voor welke toepassing deze geschikt is. De garantie is altijd en uitsluitend van toepassing op gebruik van de vloer volgens de aangegeven gebruiksklasse:


Klasse 23/31: Licht tot normaal gebruik
Alle gebruik in huis en licht commercieel gebruik.
Bijvoorbeeld in slaapkamers, kinderkamers, in woonkamers of home office.
 
Klasse 23/32: Normaal tot zwaar gebruik
Alle gebruik in huis en commercieel gebruik.
Bijvoorbeeld in woonkamers, eetkamers, keukens, gang of hal, klein kantoor.
 
Klasse 23/33: Zwaar gebruik
Alle gebruik in huis en zwaar commercieel gebruik.
Bijvoorbeeld in kantoren, winkels, maar ook voor intensief huishoudelijk gebruik.